De kracht van samenwerking in de sportgeneeskunde

Een paar dagen voor de Olympische Winterspelen van 2022 in Beijing blesseerde alpineskiër Maarten Meiners zijn rug. Het was maar een klein hobbeltje op de piste waardoor het erin schoot, maar de gevolgen waren groot: Meiners kon nauwelijks nog lopen. Op ski’s staan ging eigenlijk helemaal niet meer, terwijl hij drie dagen later de wedstrijd van zijn leven skiën moest. Chef-arts van TeamNL Maarten Moen behandelde hem, maar mat hem vooral een rugbrace van Push aan. Met die brace kon Meiners zich toch op de ski’s manoeuvreren, en zette hij zelfs de beste Olympische prestatie van een Nederlandse skiër op de reuzenslalom ooit neer: hij werd achttiende.

Zijn ogen glimmen als Moen het navertelt. De anekdote is een onverwacht kadootje voor Rob Müller, directeur van Nea International, het bedrijf dat Push braces produceert. Hij kende deze geschiedenis nog niet. Het zijn wel precies de verhalen die illustreren waarom de samenwerking tussen Nea International en de Vereniging voor Sportgeneeskunde (VSG), waartoe Moen behoort, zo’n succes is.

Hoe de samenwerking ontstond

Van de zestig jaar dat de VSG bestaat, bestaat de samenwerking met Nea al veertig jaar. “Het is ooit begonnen bij mijn voorganger bij TeamNL, Cees Rein van den Hoogenband”, vertelt Moen. “Je zou hem zelfs de geestelijk vader van de Push braces kunnen noemen.”

Müller knikt: “In de jaren tachtig deed Cees Rein als jonge chirurg en traumatoloog samen met zijn promotor Co Greep onderzoek naar de behandeling van enkelbandletsel, in het academisch ziekenhuis in Maastricht. Soms werd er geopereerd bij enkelbandletsel, of er werd een gipsverband aangelegd. Soms werd er een Coumans tapebandage aangelegd. In zijn proefschrift concludeerde Cees Rein dat die bandage ook een heel succesvolle behandelmethode was, en in veel opzichten gemakkelijker, want er hoefde veel minder geopereerd en gegipst te worden.”

“Maar omdat het aanleggen van zo’n bandage opleiding en deskundigheid vergt, ging Cees Rein op zoek naar een eenvoudiger en gebruiksvriendelijker alternatief”, vervolgt Müller. “Samen met een bedrijf dat alles van textiel wist, zijn ze aan het ontwerpen gegaan. Niet veel later is Nea opgericht, en in 1986 is de eerste Push brace gemaakt.”

Van topsport naar breedtesport

Al snel ontwikkelde het bedrijf niet alleen enkelbraces, maar braces voor alle gewrichten: voor knieën, voor polsen, voor ellebogen.

De braces van Push worden al vanaf het begin doorontwikkeld in kwaliteit en draagbaarheid in nauw contact met topsporters die er gebruik van maken, en vinden daarna hun weg naar de breedtesport, waardoor de hele sportwereld er wat aan heeft.

“Dat maakt de samenwerking ook zo fijn en uniek”, vertelt Moen. “Topsporters trainen vele uren per week en presteren op het scherpst van de snede, en daarmee zijn zij een uitstekende testgroep. Zit een brace lekker, of is-ie te stug? Zijn er plekjes waar irritatie komt? Dat zijn dingen die topsporters heel goed kunnen aangeven doordat ze de braces intensief gebruiken.”

Müller vult aan: “Het oordeel van topsporters is voor ons van groot belang, want als een brace voor hen goed werkt, dan hoef je er niet meer aan te twijfelen dat dat voor de breedtesport ook geldt.”

Wat je als sporter altijd hoort over het dragen van een brace, is dat je spieren er op den duur slap van worden. Moen bestrijdt dat. “We hebben sterk de indruk dat dat niet zo is. Het maakt natuurlijk een verschil of je hem jarenlang elke dag draagt, of twee keer per week omdat je gaat volleyballen. Van dat laatste worden je spieren echt niet slapper.”

Nieuwe toepassingen en innovaties

Hoewel Push braces vooral bekend staat in de wereld van de balsporten, zijn er in samenwerking met de topsport ook braces ontwikkeld voor minder voor de hand liggende sporten. “Een van de dames die ik begeleid in het Nederlands waterpoloteam heeft een elleboogblessure. Samen met Push hebben we een nieuwe toepassing voor een bestaande brace gevonden, die niet gaat knellen of lubberen in het water en dus goed tegen nat worden kan.”

Alle feedback van topsporters gaat naar Nea in Maastricht, en daar gaat Push aan de slag. “Ons ontwikkelteam is in continu contact met atleten, en zo testen we prototypes tot het moment dat het helemaal klopt.”

Niet alleen topsporters, ook leden van de VSG leveren veel input. Emeritus hoogleraar sportgeneeskunde Frank Backx heeft meegewerkt aan de ontwikkeling van een enkelbrace specifiek voor voetballers en initieerde onderzoek naar de kosteneffectiviteit van de Push enkelbrace.

Van sport naar zorg: een bredere doelgroep

Müller vertelt: “De Belgische sportarts Filip Parmentier had een oplossing met taping gevonden voor plantaire hielpijn, pijn aan de onderkant van de hiel. Hij vroeg of we dit in textiel konden maken. Samen hebben we een product ontwikkeld dat een jaar geleden gelanceerd is.”

Daarmee betreden we een tweede markt: mensen met gewrichtsaandoeningen. “Ongeveer de helft van onze producten gaat naar de sport”, vertelt Müller, “en de andere helft wordt ingezet bij klachten die vaak ontstaan bij het ouder worden, zoals artrose.”

“Daarnaast zien we ook mensen met zwaar lichamelijk werk”, zegt Moen. “Een brandweerman of stukadoor helpen we soms ook met een brace.”

Vooruitkijken: ideeën voor de toekomst

Müller: “We willen breder ophalen welke behoeften er in de sportgeneeskunde leven. Daarom organiseren we binnenkort kleedkamersessies met kleine groepen sportartsen.”

Een idee is een app met oefeningen die passen bij de klachten waarvoor iemand een brace gebruikt. “Natuurlijk vraagt dat om goede begeleiding”, zegt Müller.

Moen reageert: “Het zou de zorg kunnen ontlasten. Er zijn manieren om zulke programma’s toch per patiënt af te stemmen.”

“Voortgang van een revalidatie zou je kunnen volgen met kleine sensoren in de brace”, droomt Müller. Moen vult aan: “Bij de TU Delft ontwikkelen ze superkleine sensoren die in materiaal ingebouwd kunnen worden. Dat past perfect in een brace.”

Nea investeert daarnaast in breder sportgeneeskundig onderzoek. “Nea ondersteunt de jaarlijkse Prijs voor de Sportgeneeskunde”, zegt Moen. “Het bedrijf is zó gepassioneerd over sport. En die sensoren, Rob, wat een goed idee. Daar moeten we echt verder over sparren!”

Push braces

Veelgestelde vragen

Meer veelgestelde vragen

Ik ben geen (top)sporter, kan ik bij de sportarts terecht?

Ja, u kunt bij de sportarts terecht, ook als u geen (top)sporter bent. De expertise van de sportarts richt zich op sportgeneeskunde en blessures, maar hij behandelt ook andere bewegingsgerelateerde klachten bij mensen van alle niveaus.

Recente publicaties

Bekijk alle publicaties

  • 15 januari 2026

    Zintuigen prikkelen in Dakar

  • 08 januari 2026

    Vetkamersysteem als belangrijke oorzaak van hielpijn

  • 06 december 2025

    Samenwerking in de (top)sport is een beproefd recept voor goud

  • 27 november 2025

    Push braces: van idee tot impact

  • 29 oktober 2025

    Een schouderblessure: de grootste vrees van waterpolosters

  • 16 oktober 2025

    Project Phoenix: groei boven comfort

  • 06 augustus 2025

    Van sanatorium tot traumacentrum van de Winterspelen

  • 22 juli 2025

    Van der Poel uit Tour met longontsteking: ‘Bij koorts niet sporten’

  • 12 juni 2025

    Slimmer van hardlopen

  • 05 april 2025

    Eer hoog te houden richting Olympische Spelen van Milaan / Cortina

arrow_circle_left arrow_circle_right
Ons collectief is werkzaam bij Bergman ClinicsOns collectief is werkzaam bij NOC*NSF

Over het collectief

Wij zijn een collectief van sport- en bewegingsartsen met expertise in het behandelen van sport- en overbelastingsklachten. Onze focus ligt op niet-operatieve behandelingen en het adviseren over belasting en herstel, zowel bij sporters als bij mensen met klachten bij bewegen.

Door onze ervaring in de topsport en samenwerking met andere specialisten werken we volgens de nieuwste inzichten. Ons doel is om klachten goed in kaart te brengen en een passende behandeling of advies te bieden.

Meer over het collectief